Recovery Toolbox for Access – Online hulp

De Recovery Toolbox for Access (Downloaden) wordt gebruikt voor het herstellen van gegevens in beschadigde gegevensbanken in het Microsoft Access *.mdb, *.accdb formaat.

De tool is in staat de volgende taken te verrichten:

  1. Herstel van de originele tabel structuur (indexen en andere parameters).
  2. Herstel van tabelgegevens.
  3. Herstel van zoekopdrachten, behalve zoekopdrachten die gebruikt worden in rapporten en formulieren.
  4. Herstel van relaties, behalve relaties die gebruikt worden voor het weergeven van gegevens.

De stap-voor-stap handleiding voor Recovery Toolbox for Access

Stap 1. Selecteren van een bronbestand voor verdere bewerking

Wanneer Recovery Toolbox for Access is gestart, wordt de gebruiker een scherm getoond waarin een bronbestand geselecteerd dient te worden voor verdere bewerking.

Het pad naar het bronbestand en de naam worden in het invoerveld ingevoerd met behulp van het toetsenbord. Als alternatief kunt u de standaard dialoog gebruiken door op knop te drukken .

Gebruikers kunnen ook eerder geopende documenten heropenen- de lijst wordt in het veld getoond .

Wanneer het bronbestand geselecteerd is kan de gebruiker op de Next (Volgende) knop klikken om door te gaan naar de volgende stap van het herstelproces.

Stap 2. Preview de structuur van de gegevens die onttrokken zijn uit het beschadigde database bestand

In de previewmodus kunt u bekijken in welk formaat de bestandsstructuur zal worden opgeslagen.

Aan de linkerzijde kunnen gebruikers de structuur van de database in een boomstructuur weergegeven zien en kunnen zij gedetailleerde informatie bekijken van ieder object in de database. De boomstructuur bestaat uit drie hoofdtakken: Relations (Relaties), Queries (Zoekopdrachten) en Tables (Tabellen).

Als u een tabel selecteert verandert het scherm van vorm zoals u in het screenshot kunt zien. Parameters zoals tabelnaam en corresponderende kolommen kunnen gevonden worden in een van de secties in de deelvensters. Tabelgegevens kunnen bekeken worden in de corresponderende sectie in het deelvenster rechtsonder. Wanneer u alle tabelgegevens wenst te zien kunt u het selectievakje aanvinken voor alle tabelgegevens.

Afgezien daarvan kunt u de Indexes (Indexen) tak openen om de Primary Key (Hoofdsleutel) parameter te bekijken evenals geïndexeerde kolommen die in overeenstemming met hun naam weergegeven worden. Het tweede gedeelte van het scherm bevat de index naam en verschillende gerelateerde parameters. Meer specifiek toont het aan uit welke kolommen de index bestaat, of de gespecificeerde kolom vereist is, of kolommen uniek moeten zijn en of de kolom hoofdsleutels bevat. Wanneer er geen index aangemaakt is voor deze tabel, zal de Indexes (Indexen) tak geen waarden bevatten en leeg zijn. In dit geval zullen er geen database gegevens worden getoond wanneer de index geselecteerd is.

Wanneer een van de zoekopdrachten geselecteerd is, wordt het rechtsonder gedeelte van het deelscherm niet getoond en de rechtsboven zal de naam van de geselecteerde zoekopdracht bevatten en de gerelateerde SQL code.

Wanneer u een van de relaties kiest, zal het bovenste deelvenster de namen van de corresponderende relatie, referentie tabellen en tabel kolommen tonen.

Klik op Next (Volgende) om door te gaan met het database herstel configuratie proces.

Stap 3. Selecteren van een bestand voor het opslaan van eerder onttrokken gegevens

Wanneer u klaar bent met de voorvertoning van de database structuur, zal de applicatie u vragen een naam en pad voor bestand dat gebruikt zal worden voor het opslaan van de herstelde gegevens op te geven.

U kunt de instellingen ongewijzigd laten- in dit geval zal de applicatie het uitvoerbestand in dezelfde map bewaren als waar het originele database bestand zich in bevond. De bestandsnaam zal overeenkomen met de originele bestandsnaam en de _repaired postfix.

Specificeer het pad en de bestandsnaam in het invoerveld om de herstelde gegevens op te slaan. Daarnaast kunt u de standaard dialoog voor het opslaan van het bestand gebruiken- klik op het icoontje . Klik op de Recover (Herstel) knop om het herstelproces te starten.

Wanneer de geselecteerde bestandsnaam reeds in de gespecificeerde locatie bestaat, zult u een corresponderende waarschuwing zien. U kunt vervolgens een stap terug gaan en een andere bestandsnaam en/of locatie specificeren.

Stap 4. Het herstel rapport bekijken

Het daadwerkelijke herstelproces vindt in deze fase plaats.

Wanneer het herstelproces is gestart toont Recovery Toolbox for Access berichten in het logscherm. Daarnaast worden de berichten opgeslagen in het Err.log bestand dat zich in de Recovery Toolbox for Access map bevindt. Wanneer een bestand reeds bestaat, zal nieuwe informatie hieraan worden toegevoegd. Wanneer een nieuw record toegevoegd is bevat deze eveneens een tijdsaanduiding.

Er zijn drie types berichten te onderscheiden:

  • Het vetgedrukte lettertype betekent dat een groep gegevens hersteld is. Gebruikers zien deze berichten wanneer de tool een serie gegevens van hetzelfde type herstelt, zoals tabellen of zoekopdrachten.
  • Element herstel berichten worden in normaal lettertype getoond. Deze notificatie geeft aan dat een groep element hersteld is- bijvoorbeeld een tabel structuur of een zoekopdracht. Om de logstructuur te vereenvoudigen worden zulke notificaties tijdens het herstellen van de tabel niet getoond.
  • Het rode lettertype betekent een foutmelding. Wanneer het programma bepaalde gegevens niet kan herstellen of wanneer andere foutmeldingen zich voordoen, zal een corresponderende notificatie getoond worden in het log. Daar worden notificaties ook aangegeven met een $Error$ string in het Err.log bestand.

Recovery Toolbox for Access herstelt geen gegevens van versleutelde bestanden. Onversleutelde, wachtwoordbeveiligde bestanden kunnen hersteld worden, maar de wachtwoorden gaan verloren. Daarnaast herstelt de software geen rapporten, pagina's, modules, macro's, links en velden die verwijzen naar andere gegevensbanken, toegangspecifieke functies voor het weergeven van elementen in het editor veld en beperkingen die gebruikt worden voor waarde selecties.

Stap 5. Laatste fase

Wanneer u het log bekeken heeft kunt u het proces afronden door op de Exit (Verlaten) knop te klikken of door File (Bestand) | Exit (Verlaten) te selecteren. U kunt ook terug gaan door de Back (Terug) knop te gebruiken en een ander bestand te specificeren dat bewerkt moet worden. Let wel dat het bestand en de map waarin het is opgeslagen niet automatisch veranderen. U dient deze parameters handmatig aan te passen of het standaard browse dialoogvenster te gebruiken.